Met huidige VR-brillen zitten gebruikers doorgaans nog vast aan een draad. Bovendien is het lastig om ermee rond te bewegen, omdat je met de bril op niets meer kan zien.
De HTC Vive is wel gemaakt om mee rond te lopen, maar daarvoor is wel een behoorlijke lege ruimte nodig. De bedoeling van Project Alloy is dat je hele huiskamer in 3D gescand kan worden en op de schermen van de bril kan worden gereproduceerd, zonder dat je eerst al je meubels aan de kant hoeft te schuiven.
Zo kun je virtueel door je eigen ruimte lopen, inclusief alle objecten die daar te vinden zijn. Intel noemt dit merged reality, omdat de virtuele wereld en de echte wereld worden vermengd.
Scans
Voor de 3D-scans en de herkenning van de omgeving gebruikt Intel zijn eigen RealSense-camera’s, die vooralsnog met name (zonder veel succes) in enkele laptops zaten. Nu maken twee van de camera’s hun opwachting aan de voorkant van de Project Alloy-bril, naast nog twee camera’s met fisheye-lenzen.
Tijdens een demonstratie zei een medewerker van Intel dat de bril zelf uiteindelijk moet kunnen worden gebruikt om een ruimte te scannen. Nu is dat nog niet het geval en werd een ander apparaat – weliswaar met dezelfde RealSense-technologie – gebruikt om de kamer te scannen.
De grote bril, die is voorzien van een forse en comfortabele hoofdband, weegt niet veel meer dan een Oculus Rift of HTC Vive, ondanks het feit dat die brillen nog een losse pc nodig hebben voor de berekeningen. De processor zit bij Project Alloy in de bril verwerkt. Ook zijn er geen positietrackers in de kamer nodig, zoals bij de HTC Vive en Oculus Rift, maar worden enkel sensoren in de bril zelf gebruikt om de bewegingen van de gebruiker door een kamer te volgen.

(De bril van Intel werkt draadloos, maar op bovenstaande foto – genomen tijdens de perspresentatie – zat hij wel aan een snoer om beelden te delen.)
Beeld
Het beeld van de Alloy-bril is wel even wennen: het gezichtsveld lijkt een stuk kleiner zijn dan bij andere brillen en in eerste instantie bekruipt je het gevoel dat je door een miniatuurversie van de kamer loopt.
Dat went echter snel, en al gauw werd de woonkamer omgetoverd tot een militaire basis, vanwaar we aanvliegende aliens konden neerschieten. Daarbij werd rekening gehouden met de aanwezige objecten: een tafel midden in de kamer werd onderdeel van de basis waar we niet doorheen konden lopen, en ook de bank en kast werden omgetoverd tot game-objecten.
Waar we in de game kon lopen, kon dat in het echt ook. Althans, dat is het idee. De positietracking blijkt nog niet perfect te werken en de objecten in de game ‘verschuiven’ tijdens de demo van vijf à tien minuten steeds verder van hun equivalenten in het echt. Daardoor liepen we alsnog het risico een scheenbeen tegen de tafel of bank te stoten, en was het bij rondlopen toch vooral een kwestie van héél voorzichtig schuiven.
Ook de gebruikte controllers, van het bedrijf Ximmerse, hadden nog de nodige problemen. Ze herkenden lang niet alle bewegingen juist en verloren soms totaal alle gevoel van richting, waardoor we bijvoorbeeld naar links probeerden te schieten, maar het wapen in de game nog naar voren gericht was.
Problemen
Het Project Alloy-project van Intel is op papier indrukwekkend, en veel van de huidige problemen kunnen hopelijk nog worden opgelost voordat een uiteindelijke versie op de markt wordt gebracht door Intel of een samenwerkende fabrikant.
Dat er nog problemen zijn, is echter duidelijk. Intel wil de Project Alloy-bril binnenkort al beschikbaar maken voor ontwikkelaars en nog voor het eind van het jaar verkopen aan consumenten.
Wellicht wil Intel daarmee te snel te veel, terwijl andere makers van VR-brillen het rustiger aan doen en ondertussen nog een betere ervaring bieden.