| Om verbinding te maken met internet heeft een computer het volgende nodig:
1. Een netwerkinterfacekaart (NIC): Dit is een stukje hardware waarmee de computer via een netwerk kan communiceren. De meeste moderne computers hebben dit ingebouwd.
2. Een fysieke verbinding met een netwerk: Dit kan zijn:
* Een Ethernet-kabel: Een bekabelde verbinding die een stabiele en meestal snellere verbinding biedt.
* Een Wi-Fi-adapter: Een draadloze verbinding, ingebouwd in de computer of toegevoegd als een aparte kaart. Hiervoor is een Wi-Fi-router vereist.
3. Een internetprovider (ISP): Dit is een bedrijf dat internettoegang levert. De computer heeft een account nodig bij een ISP, waarvoor meestal abonnementskosten moeten worden betaald. De ISP voorziet de computer van een IP-adres.
4. Juiste netwerkconfiguratie: Het besturingssysteem van de computer moet correct worden geconfigureerd om de netwerkverbinding te kunnen gebruiken (bijvoorbeeld het juiste IP-adres, subnetmasker en gateway). Dit wordt meestal automatisch afgehandeld, maar vereist soms een handmatige configuratie.
5. Benodigde software: Een webbrowser (zoals Chrome, Firefox, Safari, etc.) is nodig om toegang te krijgen tot websites en andere online bronnen. Afhankelijk van de manier waarop de computer met internet communiceert, kan er andere software nodig zijn (bijvoorbeeld een e-mailclient, een gameclient). |